De Koran › Soera Al-Masad
Soera Al-Masad (111) — De Palmvezels · المسد
Mekkaanse soera, 5 verzen, als 6e geopenbaard.
De palmvezel: de ondergang van de vijandigheid van Abu Lahab.
Al-Masad 111:1
تَبَّتۡ يَدَآ أَبِي لَهَبٖ وَتَبَّ
Vervloekt zijn de twee handen van Aboe Lahab en vervloekt is hij!
May the hands of Abu Lahab be ruined, and ruined is he
Al-Masad 111:2
مَآ أَغۡنَىٰ عَنۡهُ مَالُهُۥ وَمَا كَسَبَ
Hij zal geen nut hebben van zijn weelde en zijn kinderen!
His wealth will not avail him or that which he gained
Al-Masad 111:3
سَيَصۡلَىٰ نَارٗا ذَاتَ لَهَبٖ
Hij zal in een vuur branden met laaiende vlammen!
He will [enter to] burn in a Fire of [blazing] flame
Al-Masad 111:4
وَٱمۡرَأَتُهُۥ حَمَّالَةَ ٱلۡحَطَبِ
En ook zijn vrouw, die het hout draagt.
And his wife [as well] - the carrier of firewood
Al-Masad 111:5
فِي جِيدِهَا حَبۡلٞ مِّن مَّسَدِۭ
Om haar nek is een touw van palmvezels gebonden.
Around her neck is a rope of [twisted] fiber
← Soera An-Nasr · Soera Al-Ikhlas →
Arabische tekst: Uthmani text, Tanzil Project (tanzil.net) · Nederlandse vertaling: Rowwad Translation Center · Engelse vertaling: Saheeh International